Henkjan Welink

Jan-Henk Welink
Kennisplatform Duurzaam Grondstoffenbeheer

Dat afval niet meer bestaat in een Nederlandse, circulaire economie vergt nog flink wat stappen. Zoals een andere inzameling van afval en meer samenwerking, zegt Jan-Henk Welink van het Kennisplatform Duurzaam Grondstoffenbeheer.

“Grondstoffen worden schaarser, dus moeten we anders kijken naar afval. Grofweg zijn hiervoor drie werkwijzen te onderscheiden. Ten eerste zijn er producten die we moeten recyclen, zoals papier. Daarnaast zijn er samengestelde producten zoals elektromotoren en bureaustoelen die we kunnen reviseren. Ten derde kunnen we artikelen die we minder vaak hanteren intensiever gebruiken. Via een deeleconomie of verhuur, al vereist dat andere businessmodellen”, zegt Welink.

Gemak

De kanteling die er bij de consument kan worden behaald zit ‘m volgens Welink in de inzameling van recyclebare materialen. Die moet veel vaker servicegericht zijn. “Oftewel: de omgekeerde of servicegerichte inzameling waarbij de gemeente al het vuilnis zoals papier, gft- en PMD-afval ophaalt bij de huishoudens. Dit resulteert in een aanzienlijk kleinere hoeveelheid restafval, dat relatief duur is om te verbranden.

Inmiddels zamelen voor zover bekend circa 20 van de 400 gemeenten omgekeerd of servicegericht in. Dat vraagt veel van de logistiek; inzameling op één vaste dag en de consument moet al zijn afval kwijt kunnen.

Elke branche moet kritisch kijken wat er uit zijn afval valt te halen.

Het klopt dat er extra moet worden gereden, maar uit informatie van de servicegerichte inzameling in de gemeente Horst aan de Maas blijkt dat de besparing die de kleinere hoeveelheid restafval oplevert opweegt tegen die extra kosten.

Uiteindelijk resulteert dat in een besparing van 10 tot 20 euro netto per huishouden per jaar.” Om de kans op slagen van omgekeerde inzameling te vergroten is volgens Welink een gezamenlijke aanpak vereist.

Bedrijfsleven

Ook pleit hij voor gezamenlijkheid in het bedrijfsleven. Daar wordt al enige tijd commerciëler tegen afval aangekeken. “Toch wordt er nog steeds veel herbruikbaar materiaal weggegooid. Uit het bedrijfsleven is meer te halen als bedrijven elkaar vinden in collectieve afvalcontracten en wanneer ze met inzamelaars om de tafel gaan.”

Er zijn heel veel (product)stromen waar volgens Welink meer uit kan worden gehaald. “Een mooi voorbeeld is overgebleven brood uit restaurants dat richting kinderboerderijen en dierentuinen gaat. In de reststromen van ziekenhuizen zitten veel nuttige harde plastics. Elke branche moet kritisch kijken wat er uit zijn afval valt te halen. Gezamenlijk actief het afval in kaart brengen, uitwisselen en de goede spullen inzamelen is de toekomst.”