NAM ziet, als groot energiebedrijf in Nederland, een andere rol voor zichzelf weggelegd in de overgang naar een duurzame energiemix. Een overgang die niet in één keer voltooid zal zijn. “We voorzien Nederland, de zorg, de huizen, de industrie al jaar en dag van energie.

Dat willen we graag blijven doen, maar dat vraagt een andere rol van ons. Samen met partners waar we onze kennis, kunde en infrastructuur mee willen delen”, zegt Gerald Schotman, directeur van NAM. “Daarbij moet je slim omgaan met deze ontwikkelingen en het oude energiesysteem als springplank laten fungeren voor hernieuwbare energie.”

Tegelijkertijd is er de opgave om de CO2-uitstoot van de energiesector zelf te verlagen. Zoals door offshore productieplatforms full electric te maken, waar NAM nu actief mee bezig is.

Een derde opgave is om een systeem op te tuigen om alle oplossingen voor hernieuwbare energie aan elkaar te koppelen. Waarbij een bestaande speler als NAM volgens Schotman van waarde kan zijn door toegang tot kennis, platformen en infrastructuur.

En, in meer letterlijke zin, toegang tot de bodem. Wat kansen biedt voor het afvangen van CO2, mogelijk een van de belangrijkste componenten van ons klimaatbeleid de komende jaren. NAM heeft de toegang tot offshore velden en de kennis om in die opslag te voorzien, aldus Schotman.

Fundament

Daarnaast lopen er ook projecten en verkenningen op het vlak van geothermie en de productie van groene waterstof. Zo wordt voor die eerste gekeken of de glastuinbouw en de Rotterdamse haven in aardwarmte kunnen worden voorzien. En wordt de voormalige gaszuiveringsinstallatie in Emmen omgeturnd tot een groene energie locatie.

Tegelijkertijd is er de opgave om de CO2-uitstoot van de energiesector zelf te verlagen.
 

Met als eerste onderzoek de ontwikkeling van duurzame waterstof voor industrieel gebruik. Vooralsnog bescheiden samenwerkingen, vindt Schotman, maar wel fundamenteel om tot een constante energiestroom te komen, inclusief opslagmogelijkheden. En bovendien verkenningen voor de samenwerking tussen stakeholders.

Duurzaam Ameland

Voorgenoemde ontwikkelingen en vraagstukken komen samen in het project Duurzaam Ameland, waarin wordt gestreefd naar een CO2 neutraal eiland, een samenwerking tussen de Gemeente Ameland, NAM, GasTerra, Liander, Eneco, TNO, Hanze Hogeschool en Signify.

Het project startte na het uitspreken van deze ambitie door Ameland aan de hand van een convenant in 2007 met losse projecten, zoals verduurzaming van busvervoer en de aanleg van (destijds) Nederlands grootste zonnepark.

Warmte heeft het grootste aandeel in de energievraag, via cv-ketels en aardgas. Daarvoor wordt nu een alternatief energienetwerk opgetuigd, zegt Martijn Kleverlaan, New Energy Delivery Manager van NAM. Zo loopt er een pilot met hybride warmtepompen en plaatsen we komend jaar een warmtenet met warmte en elektriciteit uit een brandstofcel. Ook doen we onderzoek naar de bouw van een tweede zonnepark en een biovergister.”

Robuust

Door de toename in oplossingen ligt de nadruk ook op de relatie die de verschillende projecten tot elkaar hebben. Kleverlaan: “Als je steeds meer overgaat op elektrisch, zul je maatregelen moeten nemen om het net bestendig te houden.

Het afgelopen jaar hebben we het hele energiebeeld doorgerekend om duidelijk te krijgen hoe er nú voor staat, over vijf jaar en over vijftien jaar. Zodat helder wordt welke keuzes je moet maken.”

Een robuuste infrastructuur is daarbij een cruciale overweging, vervolgt hij. Niet alleen de pijp en de kabel die in de grond liggen, maar ook systemen om energie te kunnen leveren wanneer het nodig is, inclusief opslag.

“Onderaan de streep vraagt de gemiddelde Nederlander om betrouwbare, betaalbare energie. Waardoor het een must is om maximaal gebruik te maken van de bestaande infra.”

Mede daarom blijft Ameland energetisch verbonden met het vaste land middels een elektriciteitskabel en gaspijp. Om te voorkomen dat de lokale druk te hoog wordt en er systemen geplaatst moeten worden die een te grote impact hebben op de omgeving en financiële haalbaarheid.

Onder de streep vraagt de gemiddelde Nederlander om betrouwbare, betaalbare energie.

“De uitdaging is of je zelf kunt verduurzamen zonder je afhankelijk te maken van de agenda van iemand anders. Zoals Nederland ook niet te veel wil hoeven terugvallen op Duitsland.”

Investering

Gunstig daarbij is dat Ameland eigenlijk een schaalmodel is van Nederland. Met een bebouwde omgeving, industrie, vervoer en invloed van toerisme. Waardoor het oplossen van vraagstukken op het eiland ook elders in het land uitkomst kan bieden.

“Dat wij onze offshore activiteiten drie kilometer voor de kust nu elektrisch doen, verdubbelt het elektraverbruik op het eiland. Zo’n uitdaging speelt ook bij een stad als Rotterdam of Amsterdam.”

Dat Ameland vooroploopt in ontwikkelingen en toepassing, ligt volgens Kleverlaan onder andere aan de bereidheid van de convenantpartners om echt een stap naar voren te willen zetten. Met een belangrijke rol voor het leiderschap vanuit de gemeente.

Hij wijst bijvoorbeeld op de goede dialoog met bewoners. “Op bewonersavonden gaan gesprekken lang niet alleen over energie, maar ook over hoe ze willen dat het eiland er over tien à vijftien jaar uitziet. Met open vizier over onderwerpen als toerisme, onderwijs en behoud van monumenten.”

Dit gecombineerd met enkele harde werkelijkheden, zoals de hoogte van het energieverbruik, de opgave om de overgang mogelijk te maken en de financiële en ruimtelijke impact van nieuwe oplossingen. “Overheid, burger en industrie moeten dat samen oppakken”, besluit Kleverlaan. “Wat ook voor ons betekent dat we moeten investeren. Maar dat levert dan ook belangrijke kennis en grote kansen op voor heel Nederland.”