Axel Posthumus
Directeur van Windunie

Wie energiewinning lokaal wil organiseren, krijgt te maken met een grote verscheidenheid aan betrokkenen en uiteenlopende belangen. Denk aan de investeerders in wind- en zonne-energie, zij lopen financiële risico’s. Zeker wanneer het grootschalige projecten betreft waarmee complexe voorbereidings- en vergunningentrajecten gemoeid zijn, zoals bij windmolenparken. Diezelfde projecten raken echter ook de (lokale) gemeenschap, wat wrijving kan geven. “Men vindt er vaak wel wat van”, zegt Posthumus. “Bij de keuze voor de locatie bijvoorbeeld. Dat kun je zien als mentaal eigenaarschap.” Het financiële belang wordt vaak wel erkend, merkt de directeur. De mentale betrokkenheid blijft vaak onderbelicht. Terwijl daar juist de sleutel ligt voor een soepel proces.

“Het kan geen kwaad om mensen gewoonweg te vragen naar de opties die zij wensen. Je merkt dan al gauw dat ondernemers en burgers niet altijd dezelfde taal spreken. Ondernemers worden met hun financiële belang al gauw gezien als graaiers. Daarnaast zouden burgers zaken alleen maar willen dwarsbomen.”

Zelfde taal

Dat dit anders kan, bleek tijdens het grootschalige project Windpark Zeewolde. Daar zijn burgers volgens Posthumus van het begin betrokken geweest bij de vorming van de plannen. “Het gaat er vooral om dat je een serieus gesprek aangaat zonder dat je een voorbedacht plan hebt over wat precies waar gaat gebeuren.

Het gaat vaak mis wanneer mensen zich gepasseerd voelen. De oplossing klinkt heel eenvoudig, maar is in de praktijk toch best lastig. Je moet niet te snel willen gaan.”

Een dergelijke aanpak is niet alleen nodig om het voor omwonenden aantrekkelijker te maken. “Investeerders zijn wel schuw geworden door de commotie die in het verleden rondom windmolens is ontstaan. Ze zijn bang voor boze gezichten van de buurt”, aldus Posthumus.

Gunstig werkt het volgens hem daarbij als mensen meer inzicht krijgen in de verschillende manieren waarop mensen kunnen profiteren van duurzame energie in hun omgeving. Van concurrerende prijzen voor lokaal opgewekte stroom tot hen de mogelijkheid bieden om rendement te maken via gunstige leningen aan de energie-opwekkers. “Financiële voorwaarden blijven het beste middel om mensen over de streep te trekken.”

Windparken ontwikkelen, samen met Windunie?

Koers

Buiten bedrijven en particulieren spelen uiteraard ook overheden een belangrijke rol bij de totstandkoming van nieuwe initiatieven. De uitdaging is volgens Posthumus dat gemeenten, provincie en Rijk één lijn trekken. “Als zij niet allemaal de intentie geven dat er wat gaat gebeuren, ontstaat er een groot probleem.''

Hij blijkt echter positief gestemd over de ontwikkeling hiervan. Onder andere doordat de Vereniging Nederlandse Gemeenten en het Interprovinciaal Overleg hebben gezegd de Parijse ambitie voor het terugdringen van broeikasgassen als hun verantwoordelijkheid te zien. “Hoewel ze nog wel met het Rijk moeten kijken hoe ze met elkaar kunnen ‘afrekenen’ wie wat betaalt”, aldus de directeur.

''Als we vervuilende energie eerlijk belasten is subsidie op schone energie niet meer nodig''

Tekenend is volgens hem in ieder geval dat lokale overheden steun bij elkaar zoeken om een rechte koers te blijven varen, zoals in de Wieringermeer.

“Daar is een gemeentelijke herindeling geweest, maar door goede afspraken wordt daar nu gebouwd aan het grootste windpark van Nederland.”

''Overigens is het over het algemeen een goed teken dat gemeenten niet zo vlot meer hun handtekening zetten onder plannen, daarvoor moeten eerst de burgers erbij betrokken zijn'', vult Posthumus aan. Het imago van windenergie zou ook gebaat zijn bij een ander beleid. Geen subsidies meer op schone energie maar inzetten op het belasten van vervuilende energie. Dan zijn de kolencentrales al snel niet rendabel meer.

2020

Hoe verhoudt dit alles zich tot de ambities in 2020? “Daarvoor doen we als land nog te weinig, maar er is wel een knop omgegaan. De schouders gaan eronder. Als we nu ook eens kolencentrales sluiten, kunnen we weer op schema komen. De komende jaren worden er een aantal grote windparken gerealiseerd. Na 2020 voorzie ik een grote hoeveelheid kleinere initiatieven.”

Feiten over windenergie:

  1. Eén moderne windturbine in een nieuw windpark op een windrijke locatie levert voldoende energie voor 2500 huishoudens per jaar.
  2. Binnen 3 tot 6 maanden produceert een windturbine de schone energie die nodig was voor de eigen productie en bouw. Daarna levert een windturbine nog zo’n 15 tot 20 jaar schone stroom.
  3. Eén windturbine van 3 MegaWatt levert net zo veel stroom als 30.000 zonnepanelen, oftewel een gebied ter grootte van 8 voetbalvelden.
  4. Een 3 MegaWatt windturbine in Nederland bespaart jaarlijks een CO2 uitstoot van circa 4000 ton. Dat is gelijk aan de uitstoot van zo’n 1000 personenauto’s die jaarlijks een afstand afleggen van 25.000 km.
  5. Minder dan 1% van de jaarlijkse (vroegtijdige) vogelsterfte wordt veroorzaakt door windenergie. Verreweg de meeste vogels overlijden als gevolg van verkeer, jagers, hoogspanningskabels en katten.
  6. De komst van een windpark, zowel op land als op zee, levert ruim tien keer zo veel permanente werkgelegenheid op als bijvoorbeeld de komst van een kolencentrale.
  7. Windturbines worden na ontmanteling grotendeels gerecycled. Veel van de materialen worden hergebruikt bij de bouw van nieuwe windturbines.
  8. Uit recent onderzoek is gebleken dat een overgrote meerderheid van de Nederlandse bevolking voorstander is van windenergie, namelijk 78%.