Expert 1:

Paul van Ruiten

Paul van Ruiten
Directeur Milieu en Duurzaamheid TNO
 

Materialen langer gebruiken

“We gaan al steeds slimmer om met veel materialen die nu in gebruik zijn, in de toekomst wordt dat zeker meer. Het gaat daarbij om het hergebruiken van grondstoffen, maar ook om het langer gebruiken van bestaande materialen/producten. Dat is mogelijk door toepassing van slimme technologie. Door materialen en onderdelen van producten langer te gebruiken met behulp van nieuwe technologie, creëren we meervoudige meerwaarde.

Een voorbeeld: nu wordt oud steenpuin vermalen en dient daarna als onderlaag voor een nieuwe weg. Door oude bakstenen te vermalen en er beperkte hoeveelheden nieuwe stoffen aan toe te voegen, creëren we nieuwe stenen, met een veel hogere toegevoegde waarde. Hetzelfde geldt voor gips uit gipsplaten, de onderzoeken naar toepassingsmogelijkheden zijn gaande.

Bouwmaterialendepot

Een stad is een opslag van waardevolle (bouw)materialen. Elke bouwperiode kent specifieke materialen. Er zijn data en logistiek nodig om bij sloop de nog bruikbare materialen te inventariseren en op een bouwplaats opnieuw te gebruiken. De overheid zou regels op kunnen stellen om circulair bouwen te bevorderen.

Er is nog een wereld te winnen aan hoe we materialen geschikt kunnen maken voor hergebruik, de consument vraagt hier inmiddels al om. Als voorbeeld noem ik de tapijtsector waar bekende merken afval, zoals afgedankte visnetten, gebruiken om nieuwe garen te maken. Zij doen dat niet om winst te maken, maar vanuit intrinsieke motivatie! Dat trekt (nieuwe) klanten aan en zorgt ervoor dat klanten het merk trouw blijven.

Minder bezit, meer delen

De huidige maatschappij is minder ‘bezit’ gericht. Mensen willen licht, niet persé een lamp. Ze willen warmte in huis, niet persé een kachel. Licht en warmte kunnen prima als service aangeboden worden. Dat is een ander businessmodel, maar het ondersteunt de circulaire economie. Door technologische vindingen gaan innovaties ook steeds sneller.

In de toekomst is het niet meer nodig om steeds een nieuwe wasmachine of koelkast te kopen. Dan is het mogelijk om te innoveren op onderdelen, alleen de aansturing kan dan bijvoorbeeld vervangen worden. Dan kunnen de meeste onderdelen (misschien wel tot 95% van het totaal) hergebruikt worden. Dit leidt tot echte kwaliteit!"


Expert 2:

Rutger Skypens

Rutger Sypkens
Manager commerciële zaken en planontwikkeling BAM Bouw

Anders ontwerpen

Rutger Sypkens: “Hij stelt: “De wegwerpmaatschappij is aan het veranderen en ook in de bouwsector dringt het door dat het zonde is om materialen aan het eind van de levenscyclus te verbranden of onder een weg te storten. Om urban mining en een circulaire economie te bevorderen, moeten gebouwen anders ontworpen worden.

Nu denkt men in de keten nog teveel lineair, omzet-gedreven en met korte termijn winstoogmerk. Vroeger kostte het geld om een gebouw te laten slopen, nu betaalt de sloper om te mogen slopen; de materialen in het gebouw zijn geld waard geworden.

Gebouwen digitaliseren

Om het doel te bereiken is een nog verdergaande verandering in opleiding nodig op academies en universiteiten. De opleiding moet uitgaan van integraal remontabel ontwerpen; demontabele bouwkundige en installatietechnische elementen die hergebruikt kunnen worden. Het is legolisering, met dezelfde elementen steeds andere dingen bouwen.

Als we dat doen, zijn op termijn geen nieuwe materialen meer nodig, want ook toeleveranciers kunnen op deze manier werken. Om urban mining echt een boost te geven, is digitalisering van gebouwen nodig. De 2D tekeningen omzetten naar 3D, zodat we weten waar alle materialen zich bevinden en waar het naar toe moet. Een dergelijk open source dataplatform is momenteel in ontwikkeling, iedereen kan er in zoeken.

Belasting op nieuw materiaal

Verschillende steden en bedrijven spannen zich in om circulair te ondernemen. Zo is Amsterdam vanaf 2025 een stad zonder afval en uitval. Hergebruik van materialen kan zorgen voor meer werkgelegenheid en dat geeft mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, een kans.

Ook de drie grote Nederlandse banken tekenden een verduurzamingsconvenant. Ik hoop dat de overheid snel een CO2-tax invoert. Daarmee wordt nieuw materiaal duurder en denkt men dus beter na over de aanschaf.

Weconomy

We zijn van wegwerpmaatschappij naar cradle-to-cradle gegaan en daarna kwam sustainability. Nu gaan we van circulariteit naar een Weconomy waar alles invloed heeft op alles. In de Weconomy draait het om waarde geven aan én waarde voelen bij wat we doen. Sociale aspecten spelen hier zeker een rol in.”


Expert 3:

Thomas Rau

Thomas Rau
Architect en visionair

Urban mining

“De lineaire economie verzorgt de relatie tussen mens en geld, niet die tussen mens en aarde. Bovendien moet de relatie wederkerig zijn”

Volgens de Duits-Nederlandse Rau is het hoogste doel het faciliteren van continuïteit van leven.“De huidige economie vraagt om een nieuwe manier van omgaan met grondstoffen, onszelf en de aarde. We moeten leren om op een andere manier waarde toe te kennen aan de verschillende onderdelen van ons systeem”.

Urban mining is wat we al verdienstelijk doen. Met de stad als moderne mijn, waar we edelmetalen als goud, zilver, koper, lood, nikkel en zink uithalen. Vanuit de filosofie dat een groot deel van onze toekomstige behoefte aan grondstoffen opgeslagen ligt in de producten, voorwerpen en gebouwen die we gebruiken. We verlengen de gebruiksduur van hetgeen we  gedolven hebben. De overtreffende trap is dat we in plaats van downcyclen gaan upcyclen.

Van duurzaam naar levensvatbaar

Het natuurlijk kapitaal van de aarde raakt uitgeput. Volgens de bevlogen architect is er urgentie voor een systeem van hergebruik van grondstoffen. Hij bouwt 100% remontabele, energiepositieve gebouwen met een grondstoffenpaspoort. Hij faciliteert vernieuwing door in gesprek te gaan over zijn fundamenteel andere werkwijzes met makers en gebruikers.

“De wegwerp-economie, waar alles eindig is,  moet worden omgebogen tot een circulaire economie waarin niets verloren hoeft te gaan. “We maken een onderscheid tussen de grondstofwaarde van een gebouw en de gebruikswaarde. Als gebruiker betaal je alleen voor het gebruik gedurende een bepaalde periode. De materialen blijven eigendom van de producent. Aan het eind van de levensduur krijgt hij ze weer terug en dan moet hij er iets mee", aldus Rau.

Omdenken

‘Dienstbaarheid in de architectuur’ is zijn handelsmerk. Rau wil af van de sleetse term ‘duurzaam’ omdat het door allerlei bedrijven wordt geclaimd als marketingtruc. “De manier waarop wij aan architectuur komen mag geen negatief effect hebben op de samenleving en de planeet. Dat is mijn referentiekader. De impact van denken in grondstoffendepots is verregaand.

Het betekent dat de industrie producten ontwerpt waarin materialen een tijdelijke functie krijgen, zonder dat hierbij toekomstige functies van producten, componenten of materialen ontnomen worden. De echte groeimarkt is krimp. Dat is een ander perspectief. Het  impliceert ook een andere bewustwording van ons als mensheid. Immers, we kopen  dan een dienst van een product in plaats van het product. Een essentieel kenmerk van een gesloten systeem is dat het limited resources bezit.“


Expert 4:

Geanne van Arkel

Geanne van Arkel
Hoofd Duurzame Ontwikkeling Interface

Tweede leven voor materialen

“Wij zien dat materialen steeds vaker hoogwaardig worden hergebruikt: Slopen wordt steeds meer ‘ontmantelen’ zodat zoveel mogelijk materiaal kan worden hergebruikt. Ook gebouwen krijgen steeds vaker een tweede leven, kijk naar het kantoor van Alliander in Duiven.

Een mooi voorbeeld dat illustreert hoe bestaande gebouwen in feite functioneren als grondstoffendepot voor een nieuw pand. Het begrip urban mining werd vroeger voornamelijk gebruikt voor het recyclen van metalen uit elektrische apparaten, maar urban mining is in vele sectoren toe te passen en zeker ook in de bouw in het kader van circulaire economie.

Urban mining

Om circulair produceren en bouwen te stimuleren is op lokaal en regionaal niveau uitwisseling en vooral meer samenwerking nodig als het gaat om efficiënte product- en materiaalstromen. Het matchen van grondstoffen en materialen voor hergebruik wordt in Oost-Nederland actief gestimuleerd door het programma Circles. Om beter inzicht te krijgen in de bestaande grondstoffenvoorraad is transparantie noodzakelijk.

Een goed format is een milieuproductverklaring waarin de gebruikte grondstoffen en de impact van een product op het milieu zijn vastgelegd en geverifieerd. Transparantie op productniveau maakt urban mining binnen een circulaire economie eenvoudiger te realiseren.

Cross sectoraal samenwerken

Mijn aanbeveling aan bedrijven die circulair willen ondernemen is: start in je eigen omgeving door samen te werken met andere organisaties. Wij hebben ervaren dat je door samenwerking met anderen niet alleen als organisatie succesvoller bent, maar ook meer waarden creëert op zowel sociaal als ecologisch vlak.

Benader bedrijven uit de buurt en laat iedereen in kaart brengen welke grondstoffen, afval en capaciteit er over is en waar ze behoefte aan hebben. Je zult zien dat er al snel een match te maken is. Cross-sectorale samenwerking versnelt de circulaire economie en leidt tot nieuwe businessmodellen. Op die manier wordt duurzaamheid een model dat zichzelf terugverdient.”