Nieuwe vormen van samenwerking slechten deze drempel, zo laten verschillende Amsterdamse energie-initiatieven als Zuiderlicht en HuurDeZon zien. Woningstichting Eigen Haard biedt huurders al enige jaren de mogelijkheid om op eigen kosten zonnepanelen te laten plaatsen als de woning daar geschikt voor is.

Maar daar wordt weinig gebruik van gemaakt. De drempel om circa drieduizend euro te investeren is te hoog, merkt sr. Adviseur strategie Duurzaamheid Wybrand Pieksma. Hij kwam in contact met een initiatief dat uiteindelijk HuurDeZon is gaan heten. HuurDeZon ondervangt dit probleem en verhuurt via Eigen Haard zonnepanelen aan de huurder.

De huurder betaalt een maandelijkse bijdrage op basis van het aantal geplaatste panelen.

De huurder betaalt een maandelijkse bijdrage op basis van het aantal geplaatste panelen. De elektriciteit die met de panelen wordt opgewekt, wordt door de huurders zelf gebruikt. Hierdoor zijn de bewoners onder de streep iets voordeliger uit.

“Het is belangrijk dat huurders erop vooruitgaan”, stelt Michiel Sluimers, initiatiefnemer van HuurDeZon. “En tegelijkertijd dat we de corporatie ontzorgen. We hebben een model gevonden dat voor iedereen voordelen biedt, met het milieu als grote winnaar.”

Makkelijk salderen

Dat model houdt onder andere in dat HuurDeZon de financiering voor de aankoop van de panelen vrijwel zelf regelt. HuurDeZon exploiteert de sytemen en onderhoudt en beheert ze gedurende twintig jaar. Bijzonder is volgens Pieksma dat niet alleen eengezinswoningen, maar ook gestapelde bouw – zoals flats – in aanmerking komen als ze hiervoor geschikt zijn.

In alle gevallen wordt er gewerkt met een individueel systeem per woning. “Dan kan de huurder gemakkelijk salderen op de eigen meter. Ook kan de huurder inloggen bij HuurDeZon en de opbrengst zelf volgen. Dat voorkomt discussies”, aldus Pieksma. Ondertussen zijn er zeshonderd woningen van zonnepanelen voorzien. Het doel is dit jaar tot duizend woningen te komen. Het project is niet afhankelijk van subsidies, is kopiëerbaar en goed op te schalen. Er zijn al gesprekken met andere corporaties, aldus Sluimers.

Zuiderlicht

Wie zelf geen plek heeft voor zonnepanelen kan in Amsterdam toch bijdragen aan de transitie door bijvoorbeeld lid te worden van Energiecoöperatie Zuiderlicht. De organisatie koopt zonnepanelen in en plaatst ze op beschikbare daken. De energie die dat oplevert wordt voor een vaste vergoeding beschikbaar gesteld aan de gebruikers van de panden.

Mocht er iets overblijven, dan wordt dat teruggeleverd aan het net. Leden krijgen jaarlijks een maatschappelijke rente uitgekeerd die tussen de twee à vijf procent ligt. “Dat is mooi meegenomen”, zegt initiatiefnemer Frank Boon. “Maar we willen mensen vooral op een eenvoudige en luchtige manier onderdeel laten zijn van onze ambitie.”

Leden krijgen jaarlijks een maatschappelijke rente uitgekeerd die tussen de twee à vijf procent ligt.

Die ambitie is dat de metropoolregio Amsterdam in 2028 volledig draait op schone energie. Onderzoeksbureau CE Delft meent dat er tot 2040 tijd nodig is om dit te realiseren, maar dat gaat volgens Boon niet snel genoeg.

“Daarom hebben we met enkele particulieren het heft in eigen handen genomen en er een goed economische model onder gelegd.” Hij doelt hiermee op de aanpak van grootschalige projecten die vanuit verduurzamings- en financieel oogpunt interessant zijn voor zowel investeerder als gebruiker. Vooral maatschappelijk vastgoed leent zich er volgens Boon goed voor. Op het IJburg College liggen bijvoorbeeld bijna vijfhonderd zonnepanelen.

De school gebruikt de groene stroom zelf, en betaalt een lagere vergoeding voor het gebruik van de zonnepanelen dan wanneer het de stroom van reguliere leveranciers afneemt. Maar nog belangrijker is wat Zuiderlicht het ‘educatieve rendement’ noemt.

Open source

Zuiderlicht zit in een spannende fase. Op korte termijn worden er een aantal projecten toegevoegd aan de twee eerder genoemde. De capaciteit zal zich flink vermeerderen. Buiten zonnepanelen worden ook mogelijkheden voor windenergie en warmte-opslag onderzocht.

“Ons coöperatieve model is klaar voor groei en het ziet er naar uit dat we al heel binnenkort echt gaan bijdragen aan de transitie van de metropool”, stelt Boon. “Alles wat we ontwikkelen is bovendien open source beschikbaar voor andere initiatieven. Want we komen er niet in ons eentje in 2028. We zijn blij als anderen dit thema ook oppakken.”