In Nederland maken we goede voortgang met de aanpak van water en droogte gerelateerde klimaatrisico’s en de zeespiegelstijging. Afgelopen zomer bleek dat er ondanks de extreme droogte geen veendijk is doorgebroken en er geen drinkwatercrisis is geweest.

De organisatorische en financiële kracht achter die aanpak is dan ook indrukwekkend. We hebben een Deltacommissaris, een deltaplan, een deltaprogramma ruimtelijke adaptatie, €1 miljard per jaar én de waterschappen.

Hitte is grootste risico

Klimaatwetenschappers zijn het er echter over eens dat hitte op dit moment het gevaarlijkste klimaatrisico is. Vooral kwetsbare ouderen lopen grote kans hittestress op te lopen en er zelfs aan te overlijden. De afgelopen zomer overleden in de hete weken gemiddeld 100 mensen meer dan normaal.  Het KNMI verwacht drie keer zoveel tropische dagen in 2050.

Maar ook andere risico’s van een opwarmend klimaat hebben grote impact. Huidkanker is sterk in opmars en dat risico neemt toe door meer blootstelling aan UV-straling; we zien een toename van blauwalg, meer extreem weer bij evenementen, de toename van hooikoorts door meer blootsteling aan pollen,  opmars van ziekteoverdragende insecten. De leefbaarheid van versteende en dichtgebouwde steden kan tijdens de hete zomers scherp afnemen.

Maar vergeleken met de aanpak van de zeespiegelstijging, wateroverlast en -in iets mindere mate- de droogte gebeurt er in Nederland het minst rond de gevolgen van hitte. De reden: Er zijn geen ‘hitteschappen’, er is niemand die gaat over hitte en ter verantwoording kan worden geroepen.

Gevolgen van hitte

De vele sectoren die te maken hebben met de gevolgen van de hitte hebben andere, grotere maatschappelijke opgaven zoals de dagelijkse zorg voor thuiswonende kwetsbare ouderen, de bouw van 1 miljoen klimaatneutrale woningen, de organisatie van festivals, enzovoorts.

Juist omdat er geen probleemeigenaar is van hitte zullen we veel meer de samenwerking moeten opzoeken om te kijken hoe de opwarming andere maatschappelijke opgaven beïnvloedt en hoe binnen die sectoragenda’s oplossingen te bedenken zijn.

De aanloop van zo’n traject kost wat meer ‘kennismakingstijd’, maar de uitkomst is een kruisbestuiving van verschillende agenda’s die voor alle partijen interessant zal zijn. Zoals bijvoorbeeld tussen het hitteplan en eenzaamheidsbestrijding. Of een pact voor de vergroening van de stad vanwege klimaatadaptatie, maar ook gezondheid, leefbaarheid, vastgoedwaarde, biodiversiteit  en  sociale cohesie. Kortom, prima dat er geen hitteschappen zijn, leve het samenwerken!