Rik van der Linden

Rik van der Linden
Wethouder gemeente Dordrecht & Lid van VNG-commisie Milieu, Energie en Mobiliteit

Iedere wethouder in Nederland krijgt de komende jaren te maken met de warmtetransitie. De energievraagstukken zijn opgesplitst in verschillende beleidsterreinen binnen de gemeente zoals bijvoorbeeld wonen, productie, transport en stadsbeheer. Waarom is het noodzakelijk dat gemeenten juist nu vaart gaan maken met de transitie? Rik van der Linden, wethouder Gemeente Dordrecht & Lid van de VNG-commissie Milieu, Energie en Mobiliteit vertelt hierover.

“Het heeft alles te maken met een momentum om het aan te pakken. We komen uit een fase van projecten met pioniers en koplopers, maar het echte uitrollen moet nog gebeuren. Natuurlijk is er al veel gebeurd op verschillende terreinen.

Denk maar aan de komst van de elektrische auto, windturbines en zonnepanelen, maar als we kijken naar de harde cijfers hebben we nog maar een paar procent duurzame energieproductie in Nederland.  Door het Parijsakkoord is de maatschappelijke discussie wel op gang gebracht. Je ziet dat gemeenten zich realiseren dat zij een plan moeten maken en de hele maatschappij gaan benaderen: bedrijven, (lokale) overheden, woningcorporaties, inwoners, onderwijs en warmtenetbedrijven.”

Overzicht

Het in beeld te brengen van wat er nodig is om de transitie van de grond te krijgen, vraagt dus om samenwerking met verschillende partijen. Van der Linden “Om energie te besparen, stap voor stap van fossiel af te gaan en over te stappen naar duurzame bronnen, heb je overzicht en gegevens nodig. Hierbij gaat het om informatie over de planning van de vervanging van de gasnetten van Stedin, en een plan van aanpak van de woningcorporaties hoe ze ‘van het gas af’ willen.

Maar ook over de vraag op welke plekken aansluiting op een warmtenet eventueel uitkomst kan bieden en welke lokale duurzame bronnen te benutten zijn, zoals geothermie. Dordrecht was één van de pilot-regio’s die in 2016/2017 een energiestrategie opstelde. Dat maakt heel inzichtelijk wat je als regio aan energie verbruikt en produceert, waardoor je ook de energietransitie veel beter kunt vormgeven.”

Heldere kaders

“In een plattelandsgebied zal het wellicht makkelijker zijn om sneller energieneutraal te zijn dan in een dichtbevolkte stad als Dordrecht, waar we niet alleen de nodige industrie hebben, maar ook een monumentale binnenstad en natuur. Bovendien kun je niet alle gasnetten in één keer vervangen. Je moet op tijd beginnen en investeringen meteen wegen op toekomstbestendigheid in een veranderende energievoorziening.

De transitie kan echter wel versneld worden door heldere kaders op het gebied van wetgeving en beschikbare financiële middelen”, meent de wethouder. Alle overheden en het Rijk zijn hiervoor nodig. Van der Linden illustreert dit aan de hand van twee voorbeelden: “Volgend jaar wordt het recht op gasaansluiting bij nieuwbouw vervangen door recht op warmte.

Ook voor bebouwde gebieden gaat de gemeente de regie krijgen op de energie-infrastructuur voor warmte. Daarnaast zijn er discussies over fiscale en andere wettelijke regels, zoals recent over de salderingsregeling. Onduidelijkheid of onzekerheid over deze regels kan de uitrol van maatregelen belemmeren.