Nederland moet naar een CO2-neutrale samenleving en een transitie van fossiele naar hernieuwbare energie speelt hierin een cruciale rol.

Enpuls is de ‘groene tak’ van netbeheerder Enexis en heeft zich ten doel gesteld om een baanbrekende rol in deze beoogde energietransitie te vervullen.

Dave de Lang, manager duurzame gebiedsontwikkeling bij Enpuls: “Onze missie is iedereen  voorzien van volledig duurzame energie: van onuitputtelijke bronnen en zonder schadelijke uitstoot. En dat voor een betaalbare prijs.”

Op dit moment is 6 procent van de verbruikte energie in Nederland duurzaam, opgewekt door windmolens of zonnepanelen of uit biomassa. We staan nog echt aan het begin van de reis.

De Lang: “We zijn op dit moment bezig met de inrichting van dat toekomstig energielandschap. Dus experimenteren met ideeën die ons helpen de energietransitie te versnellen en draagvlak creëren.

Er is op dit moment een groep mensen die écht enthousiast is, die zonnepanelen op het dak plaatst en overstapt naar elektrisch rijden. Dit zijn de early adopters. Maar we komen gelukkig steeds meer in de buurt van de acceptatie van de early majority: mensen die kiezen voor elektrisch rijden omdat het ook beter zal zijn voor de portemonnee en de baten voor het milieu eerder een leuke bijkomstigheid vinden.”

Warmtetransitie

Om de CO2-uitstoot te verminderen tot nul moet er een energietransitie plaatsvinden en een groot deel van die transitie ligt verscholen in de verwarming van de gebouwde omgeving: woningen en kantoren.

De Lang: “Enerzijds zullen we door middel van isolatie op die warmte moeten besparen, anderzijds zullen we duurzame of CO2-arme energiedragers  -zoals restwarmte, biogas, geothermie en elektriciteit uit hernieuwbare bronnen- moeten benutten om het gebruik van aardgas te vervangen.”

Een eerste taak is inzicht verkrijgen in het handelsperspectief: de gemeente en burger moeten weten of ze kunnen kiezen tussen een collectieve oplossing -aansluiting op een warmtenet- of een individuele oplossing.

Het antwoord op deze vraag zal bepalend zijn voor veranderingen in de infrastructuur van het energielandschap en zal een grote impact hebben op de nu al bestaande bouw. De Lang: “Welke oplossingen zijn er voor het verduurzamen van het energiesysteem binnen de gebouwde omgeving? En wat is de beste optie?

Grofweg zijn er voor woningen drie oplossingen: een hybride warmtepomp, een volledige elektrische warmtepomp en aansluiting op een warmtenet.”

Om de energietransitie te versnellen zal de burger nauw betrokken moeten zijn bij het inrichten van dat nieuwe energielandschap. In samenwerking met gemeenten en andere bedrijven of  instanties is Enpuls op dit moment bezig met lokale experimenten om een antwoord te krijgen op de vragen: hoe ervaren mensen de mogelijke oplossingen; hoe verhogen we het gebruikersgemak; hoe is het onderhoud; en waar liggen de knelpunten?

De Lang: “Momenteel zijn we in Noord- Brabant bezig met een project waarbij we de industriële restwarmte van bedrijven willen benutten. Die restwarmte willen we besteden aan tuinders en omliggende woonwijken en steden. We werken hierbij nauw samen met de provincie en de tuinders.

Flexibiliteit

Het  aanbod van energie moet verduurzamen, maar wind en zon  zijn geen stuurbare energiebronnen. En dat is precies waar de uitdaging ligt meent Alexander Savelkoul, manager flexibiliteit bij Enpuls.

Savelkoul: “We moeten een manier zien te vinden om dat aanbod te matchen met de energiebehoefte, zowel in tijd als locatie. De huidige energievoorziening is nog grotendeels gebaseerd op kolen- en gascentrales die ons naar believen van energie voorzien, maar in de toekomst zijn we veel meer afhankelijk van zon en wind.

En die niet stuurbare energie vraagt om een bepaalde flexibiliteit in ons energiegebruik.” Maar de wind en zon die zich niet laten dirigeren zijn niet de enige hindernis. Savelkoul: “De andere uitdaging ligt in de piekvraag van onze energievoorziening.

Dat komt enerzijds omdat we zullen overstappen naar elektrisch rijden en dat betekent dat er op bepaalde momenten een hogere piek in elektriciteitsbehoefte zal zijn als veel mensen tegelijk hun auto opladen.”

Een vergelijkbaar probleem treedt op bij de vraag naar warmte in de winter, terwijl we in de zomer juist optimaal gebruik kunnen maken van zonne-energie.

Het netwerk dreigt overbelast te raken als veel auto’s tegelijk aan de stroomkabel worden gehangen en hetzelfde probleem treedt op als we in de winter en masse de verwarming omhoog draaien.

Savelkoul: “Die twee uitdagingen: het niet stuurbare energie-aanbod en de hogere piekvraag zijn twee vraagstukken die een antwoord nodig hebben. Dus kijken we naar slimme oplossingen en dat is wat we flexibiliteit noemen.”

Volgens Savelkoul zijn er vier manieren om flexibel om te gaan met de vraag naar en het aanbod van energie: door energieopslag, bijvoorbeeld in batterijen of in de vorm van waterstof.

Door in te zetten op slimme vraagsturing, zoals de auto opladen als de zon schijnt. Door systeemintegratie: het verder integreren van onze elektriciteitsnetten met die van buurlanden of met gas- en warmtenetten.

En tot slot de minst wenselijke optie: het afschakelen van duurzame energieproductie op momenten van overaanbod. Savelkoul: “Flexibiliteit is een cruciaal element van de energietransitie waarvoor meer aandacht en stimulering noodzakelijk is.”