Waar eerst de nadruk lag op afvalstromen alleen, wordt nu actief gewerkt aan het sluiten van kringlopen door hier al in het ontwerpproces naar te kijken. “Als partner in de circulaire economie werkt de Vereniging Afvalbedrijven nauw samen met de maakindustrie.

Zo komen we tot slimmere en beter te recyclen producten”, vertelt Dick Hoogendoorn, directeur van de Vereniging Afvalbedrijven. “Samen kunnen we zorgen dat materialen hoogwaardig zijn te hergebruiken.” Het is tekenend voor deze tijd, merkt Koen de Snoo, Directeur Duurzaamheid bij het Ministerie van Milieu & Infrastructuur, op.

Er is een steeds breder besef dat grondstoffen schaarser worden, dat Nederland veel importeert - dus afhankelijk is van anderen - en dat gebruik van virgin grondstoffen een hoge milieudruk veroorzaakt. Daarom is het belangrijk om nu extra in te zetten op kennisdeling, stelt Jan-Henk Welink, initiatiefnemer van kennisplatform Sustainable Resource Management en verbonden aan de TU Delft. Bedrijven moeten sneller bijgepraat worden.

Hij wijst op ontwikkelingen bij startups, die in hoog tempo ‘aan het spelen’ zijn met nieuwe vormen van materiaalterugwinning en hoge kwaliteit hergebruik. “We kunnen beter uitleggen wat de asset-economie is en laten zien waar de winst ligt, zodat we als land onze eigen reserves veilig kunnen stellen.”

Nieuw verdienmodel

Het huidige economische systeem werkt ook niet altijd mee, vult De Snoo aan. Octrooien op innovaties worden opgekocht wanneer ze de cash cows van bestaande bedrijven bedreigen, waardoor kennis te weinig wordt gedeeld. Een meer open source systeem kan dit oplossen.

Daarbuiten blijkt ook een nieuw verdienmodel onmisbaar, vervolgt Welink. Afval als grondstof levert in toenemende mate geld op. Zeker aangezien materialen steeds hoogwaardiger kunnen worden ingezet. Enkele jaren geleden waren tomatenplantresten goed voor energiewinning in de vorm van biogas, tegenwoordig kunnen er composieten van worden gemaakt.

Eenvoudiger internaliseren

De regelgeving is volgens De Snoo momenteel nog te strikt gericht op afval. Daardoor kan de markt zich lastig ontwikkelen. Om het circulaire gedachtengoed te stimuleren, wordt met regelmaat gesproken over lagere belasting van arbeid en het hoger belasten van grondstoffen.

Hoewel dat aantrekkelijk klinkt, is dit in de praktijk lastig te realiseren, stelt De Snoo. Internaliseren moet eenvoudiger kunnen. Bijvoorbeeld door transparantie in gebruik van natuurlijk kapitaal; inzichtelijk maken hoe bedrijven met deze deze assets omgaan. Wat doen zij om de vitaliteit van natuurlijke hulpbronnen te behouden?

Ook kan de werkelijke prijs van grondstoffen naast de marktprijs transparant worden gemaakt, onder andere door de belasting van de omgeving erin mee te rekenen. “Het ene bedrijf vindt dat eng, de ander ziet er een voordeel in. Ik denk dat we op termijn niet zonder die transparantie kunnen”, aldus De Snoo.

Hoogendoorn: “We moeten ook realistisch kijken waar de grenzen liggen. Er zullen altijd stoffen blijven die uit de keten gaan. Verbanding van die stoffen waarmee duurzame energie wordt geproduceerd, is dan de aangewezen weg.”

Gerecyclede stromen voorschrijven

Ook consumenten worden actiever betrokken. Bijvoorbeeld door het (nog verder) scheiden van afvalstromen. Welink: “Het hele denken is anders. Afval speelt zich niet af op de stoep, maar in de keuken.” Hoogendoorn: “De sociale factor is erg belangrijk. We merken dat mensen verantwoord willen omgaan met afval, maar je moet ze er wel goed toe in de gelegenheid stellen.”

Gemak bieden, is de sleutel, stelt Welink. Dat blijkt uit ieder onderzoek dat naar gedrag bij dit onderwerp wordt gedaan. Om te kijken welke oplossingen werken, moet vooral praktijkervaring worden opgedaan. Onder andere in Horst aan de Maas en Zwolle lopen daarom pilots met huishoudens die hun afval in een groter aantal stromen scheiden dan gebruikelijk.

De Snoo: “Zonder voorbeelden weet je ook niet welke voorwaarden je als overheid kunt stellen, en vice versa. Die zoektocht zie ik nu echt vorm krijgen.” Tegelijkertijd moet de overheid ook als ‘launching customer’ fungeren en niet schromen het gebruik van gerecyclede stromen waar nodig voor te schrijven, besluit Hoogendoorn. “Als potentievolle, duurzame initiatieven het in de ontwikkelingsfase dreigen te verliezen door het bestaande systeem, is het toch wel belangrijk om ze te helpen.”
 


Lees meer: Het artikel met Fokko Wientjes van DSM: “Vanwege initieel schaalnadeel moet de transitie een handje worden geholpen”.

Lees meer: Het artikel met Guido Braam van Circle Economy: “Succesvolle voorbeelden en verdienmodellen zorgen voor versnelling”.