Daan Preevo

Gedeputeerde Provincie Limburg

Limburg heeft een bijzondere positie ten opzichte van de rest van Nederland. Er zijn snelstromende beken, en daarnaast ook dorpen en steden die in dalen liggen.

Bij wateroverlast komt het water van drie kanten: uit de lucht, vanaf de heuvels en door de beken. “Er kunnen zich gevaarlijke situaties voordoen met snelstromend water”, zegt Prevoo.

“Het noodweer van juni 2016 heeft bij veel mensen de ogen geopend over klimaatverandering. Het beleid is erop gericht om de gevolgen van die verandering zo goed mogelijk op te vangen.”

Extremer

Het vraagstuk van de klimaatverandering is de laatste jaren urgenter geworden, omdat ‘droge’ en ‘natte’ perioden extremer worden. Dat kan leiden tot risico’s voor mensen, dieren en bedrijven.

“Er kan wateroverlast optreden doordat er steeds vaker lokale heftige buien vallen”, vertelt Prevoo. “Maar we moeten ons niet uitsluitend richten op te veel water: we moeten ook oog houden voor lange periodes van droogte. De zandgebieden in Noord- en Midden Limburg zijn daar extra gevoelig voor.”

Niet alleen het landschap van Limburg is uniek, maar ook de ondergrond. Deze heeft verschillende samenstellingen, van Limburgse löss tot zandgronden. Dat vraagt om verschillende oplossingen.

Niet alleen het landschap van Limburg is uniek, maar ook de ondergrond.

Niet alleen om water af te voeren in tijden van veel neerslag, maar ook om het vast te houden in tijden van droogte. “Dat zijn complexe vraagstukken”, vertelt Prevoo. “Het gaat over economische belangen van bedrijven, over de veiligheid van bewoners, een goede en veilige voedselproductie en de belangen van milieu en natuur.

Met alle betrokken partijen zijn we daar momenteel mee bezig. Er is veel overleg, onder andere met gemeenten, Waterschap Limburg, Rijkswaterstaat, drinkwaterbedrijven, natuurorganisaties, landbouw en de industrie.”

Grondwater

Het drinkwater in Limburg wordt grotendeels uit grondwater gewonnen. “Grondwater is voor ons een soort heilige bron”, verklaart Prevoo.

“Grondwater is nog steeds de schoonste grondstof voor de drinkwaterproductie. We moeten voorkomen dat het vervuild raakt. Op dit moment meten we nog te veel nutriënten en bestrijdingsmiddelen in het grondwater.

Daartegen zijn dus maatregelen nodig, om de beschikbaarheid en kwaliteit van drinkwater te behouden. De maatregelen kunnen gevolgen hebben voor bijvoorbeeld de landbouw.

Grondwater is nog steeds de schoonste grondstof voor de drinkwaterproductie.

Ook de kwaliteit van het oppervlaktewater moet beter. Naast teveel nutriënten en bestrijdingsmiddelen zijn er medicijnresten en een groot aantal chemische stoffen, vooral afkomstig uit de industrie.

“In de totale wateropgave zijn er vele aspecten waarmee we rekening moeten houden. We moeten daarom integraal denken en oplossingen zoeken.”

Nederland heeft met Europa afspraken gemaakt over waterkwaliteit. Er zijn concrete doelen gesteld die in het jaar 2027 moeten zijn bereikt. Daar moet hard aan gewerkt worden, stelt Prevoo. “Daarom lopen nu experimenten voor verbetering van de waterkwaliteit.

We zoeken naar alternatieven om te voorkomen dat water door bijvoorbeeld bemesting in de landbouw wordt vervuild. We ondersteunen proeven om de bodemkwaliteit te verbeteren door het gehalte organische stof te verhogen.

Dat kan, naast een aanzienlijke verbetering van de kwaliteit van de bodem, ook leiden tot betere gewassen en een betere waterkwaliteit. Maar dat betekent een grote omslag voor de landbouwsector en ook in wet- en regelgeving.”

Draagvlak

Wat betreft veiligheid liggen er opgaven voor dijkverbetering en –versterking. Veel dijken in Limburg zijn afgekeurd en moeten in 2024 weer aan de norm voldoen.

Ze moeten stevig, stabiel en hoog genoeg zijn om water tegen te houden. Maar verhoging kan ingrijpend zijn voor omwonenden: “Die kunnen het zicht op de Maas verliezen. Dijkverhoging tast de ruimtelijke kwaliteit aan, wat ook een aspect is om rekening mee te houden.

Draagvlak voor maatregelen is uitermate belangrijk, maar het kan lastig zijn om in een gebied uit te leggen waarom een maatregel nodig is. Zicht op het water draagt bij aan leefkwaliteit en hangt vaak samen met recreatie. We kunnen daarom niet zo maar overal dijken gaan verhogen.

Op sommige plekken zal de afweging zijn om de rivier meer ruimte te geven door bijvoorbeeld dijkteruglegging of het graven van hoogwatergeulen.”

Onvoorspelbaar

Prevoo vindt het van groot belang om bewoners te betrekken bij de plannen. Medewerkers van onder meer de provincie en Waterschap Limburg trekken steeds vaker gebieden in om bewoners te bereiken.

“Maar de urgentie voor maatregelen wordt nog niet volop gevoeld. Veel mensen reageren gelaten. Maar als het mis gaat, dan gaat het goed mis. En het is onvoorspelbaar waar en wanneer zich problemen gaan voordoen.

In 2011 stond het water tot bovenaan de dijken. Maar mensen hebben de neiging om snel te vergeten. Hier ligt voor alle partijen nog een maatschappelijke opgave om de omgeving voor te bereiden op de gevolgen van klimaatverandering. We moeten mensen goed informeren als we de gebieden in trekken.”

Er wordt dus gewerkt aan maatregelen en oplossingen, maar de financiering daarvan is nog een knelpunt. Prevoo vindt dat de overheid daar een duidelijke rol in moet nemen: prioriteiten stellen en voldoende middelen beschikbaar stellen in de rijksbegroting.

“Er is in Nederland heel veel kennis over watermanagement. We weten wat er moet gebeuren, maar daar moet echt nog een tandje bij. We moeten de juiste maatregelen tijdig uitvoeren. Niets doen is geen optie. Want dat kost uiteindelijk vele malen meer.”